zaterdag 6 oktober 2018

Verslag van 5 oktober: na de diagnose

Deze maand hadden we het in het Autismecafé De Liemers over het krijgen van de diagnose ASS: wat betekende dat voor je, heb je de diagnose als positief of negatief ervaren, heb je het aan anderen verteld?

Er waren negen deelnemers die deels (al) wel en deels (nog) niet de diagnose ASS hadden. De bezoekers met diagnose hadden die bijna allemaal pas gekregen toen ze volwassen of zelfs ruim volwassen waren. Een aantal bezoekers zaten aan het begin van het diagnostiektraject en wilden graag meer informatie. Heleen gaf aan dat contact met ervaringsdeskundigen en van elkaar leren goed kunnen helpen.

Voor de meeste bezoekers gold dat ze voordat ze de diagnose autisme kregen al een lange zoektocht hadden gehad. Vaak hadden ze eerder al stemmingsklachten of angstklachten gehad, en soms ook een diagnose depressie.

Een deelnemer vertelde dat het krijgen van de diagnose geen schok was geweest. Er waren in zijn omgeving al veel mensen die het vermoeden hadden. De diagnose gaf hem rust en gaf hem ook het gevoel dat hij het helemaal niet zo slecht doet met zijn autisme.

Voor verschillende bezoekers was het herkenbaar dat door de diagnose dingen op hun plek vielen. Je gaat door de diagnose anders naar je eigen verleden kijken en ziet dat het geen aanstellerij was als iets niet lukte, maar dat er echt iets aan de hand was.

Niet iedereen kon meteen omgaan met het krijgen van de diagnose. Het kan erg lastig zijn om het aan anderen te vertellen en om te bepalen aan wie je het vertelt. Hoe dan ook voelen veel bezoekers dat autisme, of het hebben van een beperking in het algemeen, een taboe is. Er kan angst zijn dat je door anderen te vertellen over je ASS anders bekeken wordt.

Wat kun je er aan hebben om de diagnose te krijgen? Je krijgt waarschijnlijk toegang tot betere hulpverlening en behandeling. Een voorbeeld is een autismecoach. Een diagnose wil niet voor iedereen zeggen dat hulpverleners dan begrijpen waar je behoefte aan hebt. Een van de bezoekers vertelde dat hij dit duidelijk heeft moeten maken. Ook niet iedereen heeft behoefte aan hulpverlening, soms zijn de contacten van bijvoorbeeld het autismecafé al voldoende. Door verder te gaan met aanpassingen en de juiste hulp kan je leven na de diagnose minder stressvol worden.

Wie geeft de aanzet voor een diagnostiektraject: jijzelf of je omgeving? Soms is er druk van een partner of ander familielid, maar heb je altijd (redelijk) gefunctioneerd en zie je niet de meerwaarde van een diagnose. Hoe bereid je je voor? Sommige bezoekers hadden boeken over autisme gelezen, een ander gaf aan dat juist niet te veel te hebben gedaan. Te veel ‘voorkennis’ kan ervoor zorgen dat je bepaalde wenselijke antwoorden gaat geven.

Belangrijk is dat je kijkt naar waar jij last van hebt. Kijk niet te veel naar wat er bij autisme zou moeten horen, maar naar wat jouw problemen zijn. En zoek dan hulp om die problemen aan te pakken.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten